13 veelgestelde vragen over verjaring. Bekijk alle vragen.
De verjaringstermijn hangt af van het type vordering. De meest voorkomende termijnen zijn:
2 jaar voor consumentenkoop (gebreken aan producten),
5 jaar voor facturen, leningen en schadevergoeding, en
20 jaar na een rechterlijk vonnis.
De termijn begint te lopen op de dag na de dag waarop de vordering opeisbaar werd.
Zakelijke vorderingen (facturen, leningen, schadeclaims) verjaren na 5 jaar.
De termijn begint te lopen op de dag na de dag waarop de factuur opeisbaar werd - meestal de dag
na het verstrijken van de betalingstermijn. Na een rechterlijk vonnis geldt een termijn van 20 jaar.
Volgens artikel 3:317 BW stuit je de verjaring door een schriftelijke mededeling
waarin je ondubbelzinnig je recht op nakoming voorbehoudt. Een simpele herinnering is vaak
niet genoeg. De brief moet duidelijk maken dat je je rechten wilt behouden en zo nodig
juridische stappen zult ondernemen. Ook een dagvaarding of erkenning door de schuldenaar
stuiten de verjaring.
Ja, bij B2B-vorderingen heb je recht op de wettelijke handelsrente. Deze is aanzienlijk
hoger dan de gewone wettelijke rente. Door tijdig te stuiten behoud je dit recht. Wij nemen in de
stuitingsbrief altijd een expliciet voorbehoud op voor de handelsrente en eventuele buitengerechtelijke kosten.
Na elke stuiting begint een nieuwe verjaringstermijn van 5 jaar te lopen.
Als ondernemer moet je dus elke 5 jaar opnieuw stuiten om je rechten te behouden.
Het is verstandig om dit in je administratie of agenda te noteren. Veel ondernemers kiezen ervoor
om periodiek alle oude vorderingen te laten stuiten.
Na elke stuiting begint een nieuwe verjaringstermijn van dezelfde duur te lopen.
Bij een vordering met een termijn van 5 jaar moet je dus elke 5 jaar opnieuw stuiten
om je rechten te behouden. Het is verstandig om een herinnering in je agenda te zetten
en ruim voor het verstrijken van de termijn opnieuw te stuiten.
Bij faillissement van je klant moet je je vordering indienen bij de curator. De verjaringstermijn
wordt dan verlengd tot 6 maanden na het einde van de faillissementsprocedure.
Het is echter verstandig om ook tijdens het faillissement te stuiten, voor het geval de procedure
lang duurt of de onderneming wordt voortgezet. Zo voorkom je discussies achteraf.
Als je vordering is verjaard, kun je deze in principe niet meer via de rechter afdwingen.
De schuldenaar kan zich dan beroepen op verjaring. Let op: verjaring werkt
niet automatisch. Als de schuldenaar geen beroep doet op verjaring, of als hij de schuld
erkent, kun je de vordering mogelijk alsnog innen. Neem contact op voor advies over jouw
specifieke situatie.
Ja, met ons bulk stuiting pakket kun je meerdere vorderingen tegelijk laten stuiten
tegen een gereduceerd tarief. Je levert een overzicht van je openstaande facturen aan, en wij stellen
voor elke vordering een juridisch correcte stuitingsbrief op. Ideaal voor het periodiek opschonen
van je debiteurenlijst.
Ja, als de schuldenaar de schuld erkent, stuit dit de verjaring (artikel 3:318 BW).
Erkenning kan zowel uitdrukkelijk (bijvoorbeeld een betalingsregeling voorstellen)
als stilzwijgend (bijvoorbeeld een deel betalen) zijn. Na erkenning begint
een nieuwe verjaringstermijn te lopen.
Ja, een deelbetaling geldt als erkenning en stuit daarmee de verjaring (artikel 3:318 BW).
Ook een betalingsregeling voorstellen of onderhandelen over de schuld kan als erkenning gelden.
Na erkenning begint een nieuwe verjaringstermijn van 5 jaar te lopen. Het is verstandig om dit
schriftelijk te bevestigen en in je administratie te documenteren.
Bij verjaring blijft het recht bestaan, maar kan de schuldenaar betaling
weigeren door een beroep te doen op verjaring. Verjaring kan worden gestuit.
Bij verval gaat het recht zelf teniet na verloop van de termijn.
Verval kan niet worden gestuit en de rechter past het ambtshalve toe.
De meeste civiele vorderingen kennen verjaring, maar bijvoorbeeld garantietermijnen
zijn vaak vervaltermijnen.
De kosten van een stuitingsbrief zijn in beginsel voor eigen rekening. Echter, als je daarna
overgaat tot een incassoprocedure en de rechter wijst je vordering toe, kun je vaak de
buitengerechtelijke incassokosten (BIK) verhalen op je debiteur. Deze kosten
worden berekend volgens een wettelijke staffel en kunnen bij grotere vorderingen oplopen.